Gelezen in de Computable van 11 februari 2010: “De Raad van State heeft zich deels losgekoppeld van P-Direkt (=de gemeenschappelijke dienst bij het Rijk voor personeel- en salarisadministratie). De a-typische werkprocessen van dit collega sluiten niet goed aan op de standaarddienstverlening van P-Direkt.”
Belachelijke argumentatie wat mij betreft. Een Shared Service Center (SSC) komt het best tot zijn recht als klant/ afnemers bereid zijn hun processen te harmoniseren/ standaardiseren. Pas dan kan op termijn (aanloopkosten zijn initieel hoger) de dienstverlening door een SSC goedkoper (efficiënter) en kwalitatief beter. De Raad van State en eigenlijk de gehele Rijksoverheid had er mijns inziens beter aan gedaan om het momentum (besluit om te centraliseren was namelijk genomen) vast te houden en eens goed te kijken hoe het wel had gekund. Schudt de oude kussens eens flink op … en denk vanuit mogelijkheden!
Het kijken naar onmogelijkheden (“ja maar wij zijn anders”) is een van de valkuilen die bij een SSC implementatie veelvuldig voorkomt en daarmee vaak ook ondermijnend kan werken voor de onderliggende business case. En dat terwijl er toch een forse druk ligt bij de overheid om het anders (goedkoper, efficiënter en klantgerichter) te gaan doen. Zeker in deze tijd van forse bezuinigingen.
En wat te denken van de voorbeeldfunctie? Welke partij volgt en stapt ook uit P-Direkt? Nee, mijn inziens, is het een staaltje van struisvogelpolitiek van de Raad van State. Staan de beste stuurlui aan wal? Wellicht wel … laat ze maar contact opnemen!
No comments:
Post a Comment